Van brocanteparel naar realitycheck

Hoe een prachtkans soms verandert in een kat in de zak…

Wat een prachtig bord, hè.
Blauw met wit, een hardwerkend gezelschap op het land, korenschoven, bloemenrand, zoet donkerblauw.

Heerlijk ambachtelijk. Dat dacht ik ook toen ik het vond in een brocantewinkel.
Hébben, dacht ik. Dit bord moest verschrikkelijk oud zijn. Wat zou dat leuk staan in mijn brocantewinkeltje!

Ik wist toen nog niet zo veel van brocante. Ik schrokte alle informatie op die ik kon vinden en keek enorm op naar mensen die aan één barstje, stempeltje of randje konden zien of iets uit 1890, 1930 of vorige week dinsdag kwam.
Mijn juweeltje kostte drie euro. Ik stopte het in mijn mandje en dacht: straks, voor de kassa, kijk ik het nog eens goed na.

Tring. Mijn telefoon. Of ik nog lang bezig was? Er was bezoek.
Vlug rekende ik af. Deze gasten kwamen niet alleen spontaan, ze waren ook nog erg leuk.
De tas met inkopen liet ik in de auto staan en ik haastte me naar binnen.

Twee dagen later pakte ik trots mijn bord en draaide het om.
En… OOPS… Daar stond het toch echt, ingebakken in het porselein: dishwasher proof.       

Ik moest het even nazoeken, maar pas na de jaren zeventig werd de vaatwasser gemeengoed.
De eerste porseleinfabrikanten die dit soort teksten meestempelden, deden dat vanaf de jaren tachtig en negentig.
Het bord was nog net niet waardeloos, maar toch.
Je vindt het bij mij terug onder nummer 070 voor, jawel: 6 euro.

Dat is inclusief fotograferen, wassen, inpakmateriaal en inpaktijd, op de website zetten, op Facebook zetten, betaalgedoe en naar het postkantoor brengen. Trek daar in Frankrijk nog belasting vanaf en je begrijpt: deze ploegende vriendjes op het korenland waren niet mijn beste investering.

Elk begin is moeilijk. Laat je dus niet te snel verleiden door iets wat oud lijkt.
Niet alle pracht en praal is echt van oude makelij of goede makelij. (Hallo Temu!)
En heb je toevallig nog een heel leuk blauw-wit bord nodig?
Dan stuur ik deze blauwe Churchill met liefde naar je toe.